• Nederlands
  • Français
  • English (UK)

Uitgelekte interne communicatie keldert Monsanto-imago

Uitgelekte interne communicatie keldert Monsanto-imago

Vilt 24 maart 2017

Voor een rechtbank in Californië vecht de agrochemische reus Monsanto een juridische strijd uit tegen tientallen landbouwers die beweren dat het gebruik van het glyfosaat-bevattende gewasbeschermingsmiddel Roundup bij hen zelf of bij aanverwanten heeft geleid tot lymfeklierkanker. In het kader van dat onderzoek werden grote stapels met interne communicatie openbaar gemaakt. Die communicatie schetst een weinig fraai beeld van de manier waarop Monsanto wetenschappelijk onderzoek naar z’n hand probeerde te zetten.

Het Amerikaanse Monsanto, onlangs overgenomen door het Duitse Bayer, kampt met grote imagoproblemen en daar zijn vooral zijn gamma genetisch gemodificeerde gewassen en de onkruidverdelger Roundup schuldig aan. Dat laatste product bevat glyfosaat, een chemisch bestanddeel dat door zijn alomtegenwoordigheid, gigantisch economisch belang en onduidelijke veiligheidsstatus veel stof doet opwaaien. Het meest recente onderzoek van het Europees Agentschap voor Chemische Stoffen (ECHA) taxeert glyfosaat als niet kankerverwekkend, maar waarschuwt wel dat het langdurig giftig is voor het waterleven.

In het kader van een proces van enkele tientallen landbouwers tegen het bedrijf maakte een federale rechtbank in Californië heel wat interne mails van Monsanto openbaar, net als e-mailverkeer tussen het bedrijf en overheidsregulatoren. Uit die documenten blijkt onder meer dat Monsanto getipt werd over de uitkomst van het onderzoek dat het Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC) door één van de leidinggevende ambtenaren van het Amerikaanse Agentschap voor Milieubescherming (EPA), maanden voor IARC met de resultaten naar buiten kwam. Mede daardoor zette Monsanto in diezelfde periode een brede imagocampagne op, zo blijkt uit de mails.

Uit andere mails blijkt dat een EPA-werknemer Monsanto beloofde te verhinderen dat het Ministerie van Volksgezondheid een eigen studie zou starten naar de schadelijkheid van glyfosaat. De studie kwam er uiteindelijk niet. Binnen het Amerikaanse milieuagentschap zouden bovendien ook heel wat twijfels bestaan over de robuustheid van de verschillende uitgevoerde studies naar glyfosaat. Verder blijkt ook uit verschillende mails dat een Monsanto-manager aan verschillende collega’s suggereerde om zelf onderzoek naar glyfosaat te schrijven door wetenschappers in te huren en hen de Monsanto-teksten te laten ondertekenen. In Europa loopt de markttoelating voor glyfosaat nog tot eind dit jaar. 

Weer een andere e-mail toont aan dat Monsanto leveranciers van hulpstoffen heeft gevraagd weg te laten dat de hulpstoffen kankerverwekkend zijn. De mails laten ook zien dat de Europese voedselveiligheidsautoriteit EFSA zich bij de toelating van glyfosaat deels baseerde op data van de Glyphosate Task Force, een door Monsanto aangevoerd verbond van de agrochemische industrie. Het expliciete doel van de voorzitter, Richard Garnett, zo blijkt uit verschillende communicaties: het aanvallen van berichten over mogelijke gezondheidsrisico’s van glyfosaat.

Dat alles was voor een 30-tal leden van het Europese Parlement genoeg om via een brief aan Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker hun ongerustheid te uiten over de zogenaamde ‘Monsanto Papers’. "Volledige transparantie over de gebruikte studies bij de evaluatie van glyfosaat is absoluut noodzakelijk", zo stelt Bart Staes (Groen), die samen met leden van de uiterst linkse en sociaaldemocratische fracties en de Vijfsterrenbeweging de brief heeft geschreven. "De Europese Commissie moet EFSA en ECHA aanbevelen om de onpartijdigheid van de door hen gebruikte studies ernstig te onderzoeken."

Bron: The New York Times/Bloomberg/eigen verslaggeving

In samenwerking met: Boerderij